Schoolreisjes
Als kind vond ik het schoolreisje de meest spannende dag van het schooljaar. Wij kwamen niet zo vaak ergens, maar waren verder ook niet de enigen die niet verder kwamen dan Dieren of Arnhem voor het kopen van kleding of schoenen. In de eerste klassen bleef je dichtbij en kwam je niet verder dan Ouwehands Dierenpark, De Westerbouwing of Kinderpretpark Julianatoren. Dat was voor ons al een best eind weg. Alles was groot en indrukwekkend, dus wij genoten heel erg die dag. Laatst was ik in Apeldoorn en zag ik Kinderpretpark Julianatoren en de speeltuin daaromheen. Het leek een stuk kleiner dan uit mijn herinnering en het geheel was nu al wat uitgebreid. De ogen van een klein jongetje zijn anders dan die nu van mij.
Ik vond de bus waarmee we gingen ook prachtig. Deze bus leek niet op de VAD (Veluwse Autobus Dienst) bussen, die bij ons reden. De bus was vol met licht en dat was prachtig. Ook was het wel een beetje warm als de bus in de zon had gestaan. Koolzuurhoudende dranken werden lauw en door het geschud in de bus kon je ook heel veel verliezen als je de fles met de speciale dop opendeed. Later heeft Frits Bom in Koning Klant de Exotafles de das om gedaan, vanwege het spuiten en ontploffen (volgens sommige mensen). Verder hadden we Sunkist driehoekjes met sinaasappelsap bij ons en die kon je zo mooi kapot stampen, want dat gaf mooi lawaai. Jongetjes houden nu eenmaal van lawaai. Er ging bij ons ook een grote melkbus mee (dertig liter ranja) en een grote opscheplepel. Volgens mijn herinneringen was deze lepel speciaal opgepoetst voor het schoolreisje.
In de bus gaan zitten was ook een ding. De grootste belhamels zaten achterin en ik zat in mijn eerste schooljaren in het midden samen met een meisje. Dat gaf natuurlijk opmerkingen: ‘Willy heeft verkering, Willy heeft een meisje.’ Dan voelde je je erg ongemakkelijk en dat gold ook voor het meisje. Gelukkig greep een moeder of de juffrouw dan in en kon je rustig zitten. Later waren meisjes voor mij meiden en ging het over, maar als klein jongetje lag dat bij mij toch anders met Baukje, Elly en Willy; dat zijn de namen die ik me nog herinner.
In de dierentuin of speeltuin keek ik nergens naar, want ik holde en holde overal heen en was doodmoe na zo’n dag. Waar ik wel lang bleef, was bij de ingang van Ouwehands Dierenpark, want daar waren de papagaaien. Deze vogels waren mijn vogels, maar ik heb er later toch geen aangeschaft, want ze kunnen mij veel te oud worden. Ze overleven je als je niet uitkijkt. Daarna ging ik weer hollen vanwege tijdverlies. Sommige kinderen gingen voor niets mee en dat wist ik wel, want ik kende hun pa die elke vrijdag/zaterdag dronken was. Daar was geen geld in huis voor het schoolreisje en de schoolleiding regelde het dan. Dat wisten de volwassenen ook, maar sommige kinderen waren niet gek. Wij vonden het best, want een vader die drinkt, dat was niet fijn. Een van mijn klasgenoten schaamde zich altijd voor zijn vader, want die was bijna altijd dronken tijdens de kermis op 31 augustus (verjaardag van koningin Wilhelmina) en hij wilde er geen woord over spreken. Gelijk had hij, maar de kinderen gingen wel mee op schoolreis. Hij hoorde overigens niet bij de niet-betalers, want zijn moeder zorgde er wel voor en zijn vader was niet dronken op andere momenten in het jaar.